Groepsindeling en urentabel

Groepsindeling

Wij hebben op Auris Taalplein acht groepen van leerlingen in de leeftijd van 4 tot 13 jaar. Elk jaar stellen wij opnieuw de groepen samen. Hierbij houden we rekening met de volgende punten.

  • Algehele ontwikkeling van de leerlingen en hun leeftijd.
  • Communicatieve vaardigheden van de leerlingen.
  • De ontwikkeling van het spreken en de taal.
  • De vorderingen die door de leerlingen zijn gemaakt in verschillende vakken.
  • De ontwikkelde sociale vaardigheden.
  • Verwachtingen ten aanzien van verdere ontplooiing.

Urentabel en leerstofaanbod

Wij besteden een vast aantal uren van de lessen per vak. In onderstaande tabel staat hoeveel uur wij per vak besteden en welke methode wij hierbij gebruiken. Onder de tabel geven wij uitleg over de vakken zelf. U kunt deze uitleg lezen door op het groene balkje te klikken.

Taal

Op het rooster staat een aantal uren voor taalonderwijs dat groter is dan op een reguliere basisschool. Het verzorgen van goed en bij de leerling passend taalonderwijs is immers een heel belangrijke taak van onze school. Taal heeft in onze visie een inhoudelijk aspect (met name woordenschat, zinsbouw en grammatica) en een communicatief aspect (met name het uitwisselen van ervaringen, ideeën, gevoelens en meningen). Het leren van taal en het leren gebruiken van taal vindt bij een normale ontwikkeling plaats door de interactie met volwassenen die taal aanbieden, corrigeren en uitbreiden.

Bij kinderen met een taalontwikkelingsstoornis heeft deze vorm van taal leren niet geleid tot een normale taalontwikkeling. Dat betekent dat we taal bewust, gepland, gestructureerd en zeer frequent moeten aanbieden. We gebruiken de methode Taalverhaal vanaf groep 1 tot en met groep 8.

Woordenschatonderwijs heeft onze bijzondere aandacht. We gaan daarbij uit van het Viertaktmodel van Verhallen en de methodiek Met woorden in de weer. In de onderbouw gebruiken we ook de map Fonemisch bewustzijn, LOGO 3000 en de methode Ik ben Bas. In de taallessen werken de leerkracht en de logopedist samen aan de taalontwikkeling en taalverwerving.

Lezen

In de onderbouw werken we aan voorbereidend lezen. Zo maken leerlingen kennis met de geschreven taal en kennen ze al letters vanaf groep 1. In groep 3 starten we in het begin van het schooljaar met het aanvankelijk lezen.

Vanaf groep 1 tot en met groep 8 werken we met de leesmethode voor technisch lezen Leeslijn, met als onderdeel Leesweg (specifiek voor leerlingen die meer instructie nodig hebben). We gebruiken de methode Nieuwsbegrip (XL) voor begrijpend lezen. Met het koorlezen komen ook zwakke lezers vooruit. We gebruiken hiervoor de methode RALFI. met koorlezen worden relatief moeilijke teksten herhaaldelijk gelezen, ondersteund door de leerkracht of een onderwijsassistent. Iedere dag is het leesonderwijs onderdeel van de les, minimaal drie kwartier per dag. Onze leerlingen zijn ingedeeld in diverse niveaugroepen, die worden begeleid door leerkrachten en onderwijsassistenten.

Rekenen

In de onderbouw is aandacht voor voorbereidend rekenen aan de hand van de rekenmethode Pluspunt. De leerlingen spelen, bewegen en ontdekken samen. Ondertussen leren ze spelenderwijs en doelgericht ongemerkt alle tussendoelen. Er is aandacht voor ordenen, getalbegrip, tellen, begrippen als meer, minder, veel, weinig. Dit alles wordt veelvuldig geoefend. Vanaf groep drie werken we met de rekenmethode De wereld in getallen. De leerkracht zorgt voor extra ondersteuning en oefening bij de talige onderdelen van het rekenen, bijvoorbeeld bij het oplossen van vraagstukjes aan de hand van Nieuwsrekenen.

Schrijven

Het schrijfonderwijs is er op gericht de leerlingen een duidelijk leesbaar, verzorgd en vlot handschrift te leren. We gebruiken hiervoor de methode Novoskript. Novoskript werkt met een stoplichtsysteem.

  • Groen = begin
  • Oranje = pauze
  • Rood = eind

Dit zorgt voor duidelijke oriëntatiepunten die het leren schrijven gemakkelijker maken. voor het schrijven is de fijne motoriek erg belangrijk. Leerlingen met motorische problemen kunnen (met een verwijsbrief van de huisarts) onder schooltijd naar de fysiotherapie.

Wereldoriëntatie

Kennis van de wereld, dichtbij en ver weg, is nodig om je goed in je omgeving te kunnen bewegen en je thuis te voelen. Voor het verwerven van deze kennis gebruiken we onder meer de methodes Meander en Brandaan. Ook maken we gebruik van Nieuwsbegrip (XL), een methode waarin het nieuws van de week, begrijpend lezen en begrijpend luisteren in samenhang aan bod komen.

Sociaal-emotionele ontwikkeling

Onze leerlingen hebben vaak een gebrek aan zelfvertrouwen. Wij werken eraan om deze gevoelens om te zetten in positieve gevoelens: geloof in eigen kunnen, durf, niet bang zijn om fouten te maken, initiatief nemen en leergierig zijn. We bieden de leerstof en opdrachten zo aan dat de leerling de stof en taken aankan. Wij werken competentiegericht. Hierdoor groeit het zelfvertrouwen van de leerling.

We leren leerlingen ook wat het effect is van gedrag op anderen. Kennis hierover begint bij jezelf, bij het kennen van je eigen gevoelens. Auris Taalplein werkt met het programma Vreedzame school, een programma voor sociale competentie en democratisch burgerschap. De vreedzame school beschouwt de klas en de school als een leefgemeenschap waarin leerlingen zich gehoord en gezien voelen, een stem krijgen, en waarin leerlingen leren wat het betekent om een democratisch burger te zijn. Zij leren bijvoorbeeld open te staan voor verschillen tussen mensen, het overbruggen van verschillen en conflicten vreedzaam op te lossen. Zij leren om een bijdrage te willen leveren aan het algemeen belang en actief verantwoordelijk te willen zijn voor de leefgemeenschap. Leerlingen ervaren dat het uitmaakt dat ze er zijn, dat ze er toe doen. na elk blok worden er kletskaarten meegegeven die handreiking bieden om thuis met het kind te spreken over de inhoud van de Vreedzame school. het thuisfront wordt op deze wijze op de hoogte gehouden van behandelde leerstof en hierbij betrokken.

Engels

In groep 7 en 8 geven wij Engels.

Bewegingsonderwijs

Voor de jongste leerlingen staat bewegingsonderwijs dagelijks op het rooster. De lessen zijn in het speellokaal of op het schoolplein. In de middenbouw krijgen de leerlingen tweemaal per week gymnastieklessen of één keer gym en één keer dansen. Ook de bovenbouw gymt twee uur per week.

Muziek

Muzikale vorming kan ook de taalontwikkeling stimuleren. Het leren van (speel)liedjes en het gebruik van ritmes ondersteunt en traint het taalgeheugen. Zingen kan daarnaast ingezet worden bij de spraaktaalontwikkeling. We maken onder andere gebruik van ZangExpres.

Expressie

Vaardigheden als tekenen, schilderen en handvaardigheid krijgen aandacht. Naast de kunstzinnige vorming, besteden we ook in deze lessen bijzondere aandacht aan taal: de talige interacties tussen leerkracht en leerling en tussen de leerlingen onderling wordt getraind.

Extra middelen

We maken in de klas gebruik van pictogrammen. Dit zijn afbeeldingen van begrippen of voorwerpen; ze staan op een kaartje. Ook alle schoolactiviteiten staan op deze pictogrammen. Aan het begin van de dag worden alle activiteiten van die dag in pictogrammen op het bord geplakt. Zo weet iedereen wat er gaat gebeuren. De pictogrammen bieden een vaste structuur en vaste regels waaraan leerlingen met TOS veel behoefte hebben. Ze worden ook in het reguliere onderwijs vaak gebruikt.

Vooral bij jonge leerlingen maken we ondersteunende gebaren bij het aanbieden van taal. Dit is dus geen Nederlandse Gebarentaal (NGT), maar Nederlands met Gebaren (NmG). Ook gebruiken we klankgebaren die uitbeelden welke klank gebruikt wordt. Voor leerlingen die slecht spreken, een slecht auditief geheugen hebben of klanken nog niet zo goed kunnen onderscheiden, helpen de gebaren bij het begrijpen en onthouden van taal. Daarnaast is het een extra visueel communicatiemiddel voor leerlingen.

We weten inmiddels dat gebruik van de computer het onderwijs en het leren goed ondersteunt. In alle groepen zijn computers aanwezig. De leerlingen kunnen volop gebruik maken van de software met allerlei taaloefeningen, behorend bij de taalmethode. Daarnaast zetten wij de computers ook in bij het zelfstandig werken. In alle lokalen hangt een digitaal schoolbord dat ingezet wordt bij de visuele ondersteuning van de lessen. Ook gebruiken we de software die bij de methodes Taalverhaal, Meander, Brandaan en Wereld in getallen hoort.